novemberviering Adem

Inleiding en reden waarom we hier samenzitten: elke lk op zijn/haar manier

 

 

Verwelkoming tekst seizoenen

 

De seizoen veranderen:

van warm naar koud,

van licht naar donker,

van levendig naar doods?

 

De seizoenen veranderen:

sommige mensen rillen al bij de gedachte

dat de dagen korter worden

en de tijd van alleen zitten langer?

 

De seizoenen veranderen:

en je kunt de herfst haten

of je kunt je er mee verzoenen .

Je kunt de herfst verachten

of je kunt de herfst zoenen

en ontdekken dat in de bruine bladeren

ook mooie kleuren zitten.

 

 

 

Duiding beeld ?Hij gaf de Geest?

 

Vooraan staat een beeld. De kunstenaar van wie we het beeld even mogen lenen, noemde het: ?Hij gaf de Geest?.

We zien Jezus die aan het kruis hangt op het moment dat Hij stervende is. Hij heeft al gezegd: ?Vader, vergeef het hen, want ze weten niet wat ze doen? en ook de woorden: ?Vader het is volbracht? heeft Jezus al uitgesproken. Het is het moment dat Hij de laatste adem uitblaast. Het is het moment waarop Hij de Geest gaf.

Dat is een uitspraak die we vandaag de dag soms nog gebruiken wanneer iemand gestorven is: die persoon gaf de geest.

We zien dat bijna letterlijk in dat beeld. Jezus blaast Zijn laatste adem uit over die andere persoon; Hij geeft bijna letterlijk ?Zijn Geest? aan hen die achterblijven zodat zij er iets mee zouden doen.

 

Onder het kruis staat een figuur, waarvan we niet zien of het een man of een vrouw is. In de Bijbel lezen we dat de apostel Johannes samen met Maria onder het kruis staat.

Maar in het beeld zie je niet of het een man of een vrouw is. We weten niet of het Johannes of Maria is. Door er een neutraal persoon van te maken, wil de kunstenaar eigenlijk duidelijk maken dat het ook iedereen van ons zou kunnen zijn die onder het kruis staat.

Het krijgen van de Geest is dus niet enkel weggelegd voor de mensen die dicht rond Jezus leefden. Ieder van ons kan de Geest van Jezus over zich krijgen en er iets mee doen.

 

En beide figuren staan op een grote hand. De kunstenaar wil daarmee duidelijk maken dat God zowel de levenden, de stervenden als de gestorvenen draagt. Zelfs als je denkt dat er niemand voor je is, dan nog is God er.

Zelfs als Jezus op een bepaald moment dacht dat iedereen Hem verlaten had en Hij de woorden:? Mijn God, mijn God, waarom hebt ge mij verlaten? uitsprak; dan nog is God er.

Want er staat geschreven: God schrijft onze namen in de palm van Zijn hand, zodat Hij ons nooit zou vergeten.

 

Jezus gaf de geest, en zoals bij mond op mond ? beademing, krijgen wij Zijn lucht in onze longen. Levengevende lucht.

 

 

lied engels

 

Breathe in, breathe out?Tell me all of your doubt?If everybody bleeds this way?Just the same?Breathe in, breathe out?Move on and break down?If everyone.. goes away?I will stay?We push and pull?And I fall down sometimes?I’m not letting go?You hold the other line

Cause there is a light?In your eyes, in your eyes

Hold on, hold tight?From out of your sight?Everything keeps moving on, moving on,?Hold on, hold tight?Make it through another night?Everyday there comes the sun with the dawn?We push and pull, and I fall down sometimes?I’m not letting go, you hold the other line

Cause there is a light?In your eyes, in your eyes?There is a light?In your eyes, in your eyes

Breathe in and breathe out?Breathe in and breathe out?Breathe in and breathe out?Breathe in and breathe out

Look left, look right, to the moon and the night?Everything under the stars, in your arms?There is a light?In your eyes, in your eyes?There is a light?There is a light?There is a light

Adem in, adem uit?Vertel me al je twijfels?Als iedereen op deze manier lijdt?Precies hetzelfde?Adem in, adem uit?Ga verder en breek?Als iedereen.. weggaat?Zal ik blijven?We duwen en trekken?En soms val ik?Ik laat het niet gaan?Jij houdt de andere lijn vast

Want er is een lichtje?In jouw ogen, in jouw ogen

Houd vast, houd je goed vast?Uit jouw zicht?Alles blijft doorgaan, doorgaan?Houd vast, houd je goed vast?Kom een zoveelste nacht door?Iedere ochtend komt de zon op?We duwen en trekken, en soms val ik?Ik laat het niet gaan, jij houdt de andere lijn vast

Want er is een lichtje?In jouw ogen, in jouw ogen?Er is een lichtje?In jouw ogen, in jouw ogen

Adem in en adem uit?Adem in en adem uit?Adem in en adem uit?Adem in en adem uit

Kijk naar links, kijk naar rechts, naar de maan en de nacht?Alles onder de sterren, in jouw armen?Er is een lichtje?In jouw ogen, in jouw ogen?Er is een lichtje?Er is een lichtje?Er is een lichtje?Er is een lichtje

 

 

Verhaal

 

Meester Jan van het zesde leerjaar had een speciale activiteit voorzien voor z?n leerlingen. Hij zou in het park de bladeren samen harken om deze daarna weg te voeren naar het containerpark.

Alle leerlingen begonnen met volle moed de blaadjes op een hoop te harken. En toen ze een uur bezig waren hadden ze al een hoop waar ze niet meer konden overheen kijken (maar ja, leerlingen van het zesde studiejaar zijn nu ook niet zo groot h?).

Maar de meester had geen kruiwagens en schoppen voorzien om deze blaadjes weg te voeren. Dus lieten ze de hoop achter om het nodige materiaal te halen.

Terwijl de groep weg was stak er een hevige wind op en al de blaadjes werden terug rond geblazen. Toen de leerlingen terug waren keken ze naar een plein vol met blaadjes, maar een hoop was niet meer te bespeuren.

De leerkracht kon nog net een vloek onderdrukken, maar ??n van de leerlingen gaf spontaan een uitleg aan het gebeuren:

?Meester, ik denk dat mijn nonkel dit gedaan heeft. Hij is nu 6 maanden overleden, maar in zijn leven was hij een echte ?brielpot? die altijd met mijn voeten speelde. Wel nu heeft hij nog eens vanuit de hemel met onze voeten gespeeld?.

 

Maar een andere leerling vertelde direct erna het volgende: ?Ik denk eerder dat het mijn buurman is die hier voor iets tussen zit. Toen hij leefde was hij altijd bezig in de moestuin en voor de winter legde hij een altijd een dikke laag bladeren op het veld. Zo was de grond beschermd tegen de vorst en tegen de lente lag er dan een vruchtbare laag kompost op de aarde. Ik denk dat mijn buurman gewoon wil dat de bladeren hier blijven??

 

?Ik denk dat het mijn oma is die mij iets wil duidelijke maken? zei dan weer een ander meisje. ?In de kamer van mijn grootmoeder hingen allemaal van die oude spreuken. E?n van die spreuken was: ?DE MENS HEEFT EEN WIL, MAAR DE NATUUR EEN GRIL?. Ik verstond dat niet en ik vroeg aan mijn oma wat dat betekende. Ze vertelde me dat een mens wel plannen heeft, maar dat je de natuur nooit naar je hand kunt zetten. Ze vertelde me ook bij dat ik nog te jong was om dat te begrijpen maar dat er wel een tijd zou komen dat ik het wel zou snappen. Ik denk dat ze me het nu heeft willen tonen??

 

Meester Jan stond er ademloos bij. Wat eerst een groot probleem leek, werd eigenlijk een prachtkans!

Even pauze nemen want eigenlijk is dit het einde van het verhaal. Maar de zinnen hieronder zijn de link naar het doe moment en geven een beetje uitleg bij het lawaaimoment van de blaadjes wegblazen.

 

Hij had geen tijd meer om nog eens de blaadjes bij elkaar te harken. De dag erop kwamen de mensen van de stadsdiensten om met hun speciale toestellen alle blaadjes op een hoop te blazen, en dat is wat we nu ook gaan doen.

 

 

Blaadjes wegblazen

met de compressor blazen we de blaadjes weg zodat het papier vrij komt te liggen.

 

 

Uitleg doe moment + doe moment met zeepbellen en Nederlandse muziek

 

Vragen aan 2 lln ( ??n links en ??n rechts van het papier) om zeepbellen boven het papier te blazen.

 

 

Het leven is even mooi als kwetsbaar als een zeepbel. De ronde bol, gevuld met adem, zweeft door de lucht en naar gelang de lichtinval, krijg je alle kleuren van de regenboog te zien.

Het leven is net zo. De mens is gevuld met adem en beweegt zich op en rond de wereld. En als je lang genoeg met iemand samenleeft, dan leer je de volledige persoon kennen.

 

En dan plots spat de bel uit elkaar. Op elk moment kan het leven stil vallen. Dat kan na een ziekte of een ongeval gebeuren, en altijd doet het pijn.

 

Er zijn mensen die van oordeel zijn dat met de dood alles van dit leven weg is. Dat als de zeepbel van het leven uit elkaar spat, alles van die bel weg is. Dat als een lichaam sterft, alles van die persoon weg is.

Maar dat klopt niet! Er blijft minstens een afdruk van de bel achter. Elke mens die sterft laat minstens een afdruk, of is het eerder een indruk, na. Ook de bel die open gespat is, laat op het papier hier en daar nog kringen na. De bellen zijn er niet meer, maar de afdrukken zijn wel nog zichtbaar.

 

Misschien heb jij afgelopen jaar -of misschien zelfs nog eerder- mensen gekend van wie hun leven even plots stopte als een zeepbel die open spatte? En hoogstwaarschijnlijk hebben die mensen ook bij jou een zeker indruk achtergelaten net zoals er hier op het papier verschillende afdrukken zijn achtergebleven.

 

Maar als je als mens geen aandacht hebt voor die ring, dan vervaagt die en na verloop van tijd merkt niemand nog dat die ring er ooit was. Het is dus goed om af en toe terug te denken aan zij die ons zijn voorgegaan want er is zoveel van hen dat we niet mogen vergeten

 

Straks, als de muziek start, kun je met je balpen in de hand naar zo?n kring op het papier kruipen en er een cirkel rond tekenen. Je kunt iets kleins erbij schrijven zoals de naam van de persoon aan wie je denkt, of een woord dat de indruk die de persoon achterlaat een beetje verwoordt? Je ziet zelf maar.

 

Tijdens het doe moment luisteren we naar Blof: Adem in songtekst

Jij denkt dat we zinken?Maar ik zeg dat je bloed zal blijven stromen?Dat er schepen blijven komen?En dan klimmen we aan boord?Jij wil soms verdrinken?Maar ik zeg dat er kansen blijven komen?Dat het goed is om te dromen?Maar ik ben bang dat jij niets hoort

Adem in?Nu de zee zo koud is?Adem in?Nu het water ruwer wordt?Adem in?Geef het nu niet op?Adem in?Want ik wil je zo graag hier

Jij ziet niet de lichten?Maar ik weet dat ze ergens voor je schijnen?Hele grote, hele kleine?En dat je dat ook nodig hebt?Jij wil gaten dichten?Maar ik weet dat je niet zo kunt verdwijnen?Zonder deining, zonder pijn?Zonder iets van een gevecht

Adem in?Nu de zee zo koud is?Adem in?Nu het water ruwer wordt?Adem in?Geef het nu niet op?Adem in?Want ik wil je zo graag hier

 

gebed

 

Onze lieve overledenen, Heer,

wilt Gij ze dragen

zoals een moeder draagt?

Laat Uw schoot hun nieuwe wereld zijn,

onverwoestbaar teder.

 

Onze lieve gestorvenen, Heer,

wilt Gij ze dragen

zoals een vader draagt?

Laat Uw handen hun nieuwe woning zijn,

geborgen, thuisgekomen voorgoed.

 

Onze lieve overledenen, Heer,

wilt Gij ze dragen

zoals de liefde draagt?

Laat Uw liefde hun geluk zijn,

Laat Uw licht hun warmte zijn.

 

Verjaag de dood, Heer,

Gij die niet kunt tegen verlies van leven,

geef onze dierbaren een nieuw en onvergankelijk leven.

Amen.

 

 

 

verhaal kleine dood

 

Er wordt geklopt.

Ja, roep ik.

De deur gaat open. Een klein mannetje komt binnen, twee en een halve bloempot hoog.

H?, zeg ik, kom binnen, wie ben jij?

Ik ben de kleine dood, zegt hij, en ineens barst hij in tranen uit.

Nu had ik kunnen zeggen: “hou op met die flauwe kul, wees flink”.Maar huilen is bij mij niet verboden. en wanneer hij tot bedaren komt, vraag ik: “jij bent de kleine dood?”

Ja, zegt hij, mij sturen ze overal weg waar leven is en blijheid. Daar hebben ze me niet meer nodig.

Maar ik moet toch ook leven!, snikt hij. Natuurlijk kleine dood, blijf maar wat bij mij.

Ik ben op dit moment ook niet zo gelukkig. Hou mij gezelschap, dan kunnen we samen praten, dan kunnen we allebei eens iets kwijt.

Zo zitten we bij elkaar tot de kleine dood me opeens aankijkt en vlug vraagt: aan wie denk je nou? Toe zeg het me gauw!

Ik denk aan jou, zeg ik. En op dat moment krijgt het dode mannetje echte ogen. Ze dansen als kleine sterretjes.

Ik denk aan jou, roep ik bewuster, en weer verandert hij en hij krijt een echte huid en een echt hart.

Ja, ik denk aan jou, roep ik nog harder en hij krijgt echter haren en een echte neus.

Ik zie een klein mannetje zitten, als opnieuw geboren door dat ene zinntje: IK DENK AAN JOU, schreeuw ik zo hard ik kan.

EN plotseling springt hij recht en valt me om te hals en fluistert: en IK DENK AAN JOU.

De dood is over! op mijn stoel zit een klein mannetje, zijn ogen zien er fris uit en zijn gezicht is opgetogen.

Hoe heet je, vraag ik. Het KLEINE LEVEN, zegt hij. Zo en wat ga je met dat leven doen? Hoe ga je dat doen?, vraag ik.

Door te zeggen: IK DENK AAN JOU, zegt hij stil.